Vandaag neem ik afscheid
Afscheid van de bijna 17-jarige Emmy. Twaalf jaar geleden is ze voor de tweede keer uit huis geplaatst. De eerste keer was ze zes weken oud en kwam ze, net afgekickt van de methadon, rechtstreeks uit het ziekenhuis in een pleeggezin. Na zes maanden ging ze terug naar huis waar ze na een aantal jaren wederom, volkomen onverwacht voor de ouders, uit huis wordt geplaatst. Daarna is ze nooit meer thuisgekomen.
Vijftien keer is de OTS met een jaar verlengd en elf keer is de uithuisplaatsing verlengd. Elk jaar werd afgewogen of het gezag bij de ouders kon blijven. Ouders die nauwelijks in beeld waren, maar waarbij het gezag het enige lijntje met hun dochter was.
Het gaat nu goed met Emmy. Ze doet eindexamen, heeft een bijbaantje, volgt raples, schrijft haar eigen teksten en produceert muziek. Ze heeft haar scooterrijbewijs gehaald en heeft zelf een scooter bij elkaar gespaard. Zonder steun van ouders, op eigen kracht.
Een paar maanden geleden is, aan de jeugdbeschermingstafel, besloten dat OTS niet meer nodig is. Ouders staan er achter dat Emmy opgroeit in het pleeggezin. Alle belangrijke beslissingen zijn genomen en over nieuwe beslissingen beslist Emmy voortaan zelf. Moeder zit daar stralend en trots bij. Vader is er niet, zoals verwacht.
Vandaag eten we taart
Ik haal Emmy op en ga met haar naar het huis van haar moeder. Voor het eerst zijn de gordijnen open. Moeder laat ons vriendelijk binnen waar Emmy alle ruimte krijgt om vragen over vroeger te stellen. En moeder vertelt: over hoe bang ze was, over samen naar de speeltuin gaan. Over geldzorgen, slapeloosheid en hulpverlening die niet hielp. Over hoe volledig onverwacht Emmy uit huis werd gehaald, over boosheid en rechtszaken, en haar, altijd aanwezige, angst dat Emmy dacht dat het haar schuld was. Maar ook hoe dankbaar ze was en is dat het pleeggezin zo goed voor haar kind zorgde.
Plotseling overvalt me de kant van ouders. Wat een offer is het om vreemden die voor je kind zorgen te kunnen bedanken voor die zorg, ondanks je eigen pijn en verdriet. Ik vertel over het werken als jeugdbeschermer. Dat we altijd pas achteraf weten wat de beste keuze was. Dat er geen goede keuzes bestaan, alleen afwegingen. Ik zeg tegen moeder dat we destijds misschien meer tijd hadden moeten nemen voor háár. Maar dat achteraf kijken makkelijker is.
Emmy luistert met aandacht en moeder zegt dat ze trots is op haar. Moeder geeft aan dat ze vaker wil horen hoe het met Emmy gaat. Emmy vindt het lastig dat het initiatief altijd van haar kant moet komen. De verslavingsbegeleider van moeder belooft dit samen met haar op te pakken.
Ik vraag moeder om bordjes en bestek. Ze komt aan met twee soepborden en een serveerschaal, een theelepel, een houten vork en een botermes. Emmy heeft een pak drinken en kartonnen bekertjes meegenomen. Zo zorgt ze voor haar moeder.
Vandaag is tot ziens
Dan geef ik moeder een hand. Tot ziens, zeggen we. Daarna nemen Emmy en ik nog even de tijd op ons kantoor. Zij ziet het grote tv-scherm in de vergaderruimte en vraagt of ik haar muziekoptreden daarop wil laten zien als ze me dat opstuurt. Ik beloof dat we dat met alle collega’s gaan kijken.
Als we terug naar huis rijden, vraagt ze:
“Ga je dit jaar in de zomer nog wat leuks doen met een groepje meiden? En mag ik dan nog één keer mee?”.